Bernard De Clerck | Architects

Een hoeve van meer dan honderd jaar oud te midden van de velden en boomgaarden… dat vraagt om een interieur met authentieke elementen zoals ruw hout, naturelle stoffen en zachte kleuren. Voeg daar een mooie verzameling van unieke stukken en antieke meubels aan toe en je krijgt dit pareltje van een thuis.

Tekst Bo Bogaert – Fotografie Hendrik Biegs

Renovatie 2.0

Toen het echtpaar B. in 2007 de oude hoeve met koeien- en paardenstallen te koop zag staan, wisten ze beiden meteen dat ze er zich thuis zouden voelen. Als fervente paardenliefhebbers gaven de bijhorende weides en stallen de doorslag bij hun aankoopbeslissing. De hoeve was al eens volledig gerenoveerd, maar niet zoals de nieuwe eigenaars het wilden. “Beneden waren er bijvoorbeeld lage betonnen plafonds geplaatst waardoor je het gevoel had in een bunker te zitten”, zegt de eigenares. “Wij wilden liever de oorspronkelijke hoge ruimtes terug en de authentieke sfeer zoveel mogelijk laten herleven. We lieten bijvoorbeeld de ijzeren steunpilaren in de woonkamer en keuken staan, gebruikten zoveel mogelijk oud glas in de binnendeuren en kozen voor oude steunbalken voor de plafonds.”

Huis met ziel

Voor de totaalrenovatie klopte het koppel aan bij de gerenommeerde architect Bernard De Clerck. “Eerst aarzelde ik een beetje om Bernard te contacteren; tenslotte is hij een grote naam in de architectenwereld. Maar na het eerste gesprek waren we overtuigd dat we de juiste persoon te pakken hadden. We wilden graag onze ziel in dit huis leggen en dat begreep Bernard perfect. Bernard tekende de volledige woning uit, terwijl wij de opvolging voor onze rekening namen. Het zoeken en aansturen van de aannemers heeft ons heel wat tijd en energie gekost, maar is wel vlot verlopen.”

Antiekverzameling

Het koppel wist op voorhand goed hoe hun interieur eruit moest zien. Door de jaren heen hadden ze al heel wat objecten en meubels verzameld, mooie stukken die een plaats moesten krijgen in hun nieuwe thuis. “Ik had bijvoorbeeld twee oude populieren deurtjes die ik heel erg mooi vond en graag in ons interieur wou integreren. Bernard heeft dat opgelost door ze te verwerken in een alkoof in de slaapkamer van onze dochter. Heel erg mooi! Het is een beetje mijn hobby om in mijn vrije tijd antiekwinkels af te lopen en ideeën op te doen. Ik ga regelmatig langs bij Brigitte Garnier of Walda Pairon. Heel veel meubels en accessoires kocht ik bij Greet D’Hondt, een antiekhandelaar uit Antwerpen. Bovendien heb ik ook het geluk dat ik af en toe iets mag lenen uit de verzameling van mijn mama”, glimlacht de bewoonster. ”Ons interieur is dus met de tijd gegroeid.”

Etalagekast

Het gezin brengt de meeste tijd door in de keuken waar een grote wandkast de aandacht trekt. “Het is niet evident om meubels te vinden die groot genoeg zijn om de hoge ruimtes te vullen. De kast in de keuken hadden we al voor de verbouwingen en wilden we per se houden. De architect nam ze als vertrekpunt voor het verdere ontwerp van de keuken. Hij liet de moulures van de kast terugkomen in het aanrecht en het keukeneiland zodat alles mooi bij elkaar past.” Het bovenste deel van de kast vulde de eigenares met allerlei mooie objecten die ze van haar moeder kreeg en met accessoires die ze door de jaren heen verzamelde. “Ik vind het leuk om een etalage te hebben voor mijn mooiste spullen én een plek waarin ik mijn rommel kwijt kan om vervolgens de deur dicht te doen.”

Pas in een latere fase kozen de bewoners voor een extra houtkachel in de keuken. “In de winter leven we enkel in de keuken en de kleine opkamer. De grote ruimtes zoals de woonkamer en tuinkamer sluiten we dan af en verwarmen we niet. Maar eens het zomer wordt, zetten we de deuren wagenwijd open en eten we vaak in de tuinkamer en kijken we tv in de grote woonkamer.”

Gewaagde vloer

De grote woonkamer is inderdaad erg groot. “In het begin twijfelden we wel een beetje: zo’n groot vertrek, krijgen we dat wel gezellig? Maar nu zijn we heel tevreden. Het is echt genieten om in zo’n open ruimte te kunnen zitten. Heel rustgevend ook.” Opvallend in de woonkamer is de robuuste, oude plankenvloer. “De vloer is inderdaad wat gewaagd, maar we vonden dat dat hier wel kon. Tijdens de verbouwingen letten we altijd op een goede prijs-kwaliteitverhouding, maar als iets heel sprekend en mooi was, wilden we er wel wat meer aan besteden. Zoals aan de vloer dus. Die is 200 jaar oud en komt uit Zwitserse graanschuren. Hier en daar zie je nog olievlekken. Sommige mensen zouden daar niet mee kunnen leven, maar wij vinden dat dat een bepaalde charme geeft. Het nadeel is wel dat je er niet met blote voeten op kunt lopen omwille van de splinters. Daartegenover staat dat je hem niet moet poetsen, enkel stofzuigen. Hij is vuil en moet vuil blijven. En dat is ook veel waard”, glimlacht de bewoonster.